Trek je een fles rode wijn open om samen met anderen van te genieten? Grote kans dat je weinig aandacht besteedt aan het serveren. Zonde, want het juist serveren van rode wijn komt de smaak ten goede. Ben je benieuwd hoe je rode wijn serveert? Lees dan vooral verder, want in deze tekst geven wij je 4 serveertips!
#1 Bewaar de wijn bij de juiste temperatuur
Een witte wijn, rosé en mousserende wijn smaakt het lekkerst als hij gekoeld is. Voor rode wijn geldt dit niet, want de smaken komen juist beter tot hun recht als je ze niet koelt. Daarom denk je misschien dat je een Merlot, Primitivo, Cabernet Sauvignon of Tempranillo op kamertemperatuur bewaart. Op zich kan dit prima, maar het hangt van de soort rode wijn af op welke temperatuur je hem het beste kunt bewaren. Het onderstaande overzicht helpt je op weg:
– Pinot Noir, Gamay en andere lichte rode wijnen: 12 tot 14 graden
– Merlot, Grenache en andere medium-body rode wijnen: 14 tot 16 graden
– Cabernet Sauvignon, Syrah en andere volle rode wijnen : 16 tot 18 graden
Volle rode wijnen kun je prima op kamertemperatuur bewaren, maar voor medium-body en lichte rode wijnen is dit eigenlijk net iets te warm. Zet ze daarom vlak voor het serveren even een kwartiertje in de koelkast. De kans is groot dat je ze op de perfecte temperatuur serveert.
#2 Gebruik een glas voor rode wijn
In principe kun je rode wijn serveren in ieder (wijn)glas. Toch raden wij je aan hier een speciaal glas voor rode wijn voor te gebruiken. Zo’n glas is een stuk groter dan glazen voor witte wijn, rosé of mousserende wijn en heeft een (veel) bredere kelk. Dit is niet voor niets, want hierdoor komen de aroma’s van rode wijn beter tot hun recht. Lichte rode wijn kun je eventueel wel in een glas met een smallere kelk serveren. In zo’n glas blijft de frisse smaak beter behouden.
#3 Vergeet niet te decanteren
Of je nu een jonge, volle of een oudere rode wijn drinkt, het is altijd verstandig om te decanteren. Dit betekent dat je de inhoud van de fles overgiet in een karaf. Door een jonge, volle rode wijn te decanteren, wordt deze zachter en aromatischer. Oudere wijnen kunnen op hun beurt bezinksel onderin de fles hebben. Giet de inhoud voorzichtig over in een karaf en laat het laatste beetje in de fles zitten. Je voorkomt zo dat het bezinksel straks in het wijnglas terechtkomt. Je kunt de wijn eventueel ook door een zeef gieten, zodat het bezinksel wordt opgevangen.
#4 Schenk niet te veel in
Bij een Chardonnay, Sauvignon Blanc, Riesling of andere witte wijn vul je het glas tot net iets onder de helft. Serveer je rode wijn? Schenk het glas dan nooit voor meer dan een derde vol. De wijn krijgt zo de ruimte om te ademen en dat komt de smaak ten goede. Als de wijn goed smaakt, kun je later altijd nog een keer bijschenken.